Baby 1 dec 2019 Paulien

Birgit: ‘Je was te klein, te jong, te kwetsbaar, … je strijd te groot’

Birgit moest veel te vroeg afscheid nemen van haar zoontje Floris. Dankzij vzw Boven De Wolken en het Berrefonds kon ze op een mooie manier afscheid nemen en heeft ze altijd tastbare herinneringen aan haar prachtige zoon. Dit is haar verhaal.

Een broertje voor Rik

“We waren een gezinnetje van drie toen we erachter kwamen dat ik terug zwanger was. Ons eerste zoontje Rik was geen gemakkelijke baby omdat hij voortdurend huilde. Dat konden we hem niet kwalijk nemen, want hij bleek erge reflux te hebben. Gelukkig ging die moeilijke periode met slapeloze nachten en een zeer onrustige baby ook weer voorbij. Snel hierna kwam het verlangen naar een broertje of zusje. Net zoals bij Rik lukte het ons om snel zwanger te worden. Wat waren we blij!

Bij de eerste echo hoorden we je hartje kloppen en op slag waren we verliefd op jou. Al snel wisten we ook dat we terug in verwachting waren van een jongetje. Een broertje voor Rik, we keken er zo naar uit!

Vanaf dat moment namen we afscheid van een zorgeloze zwangerschap.

Alle onderzoeken waren steeds in orde totdat we bij de echo rond 19 weken te horen kregen dat er aan je hals een klein cyste zat, iets wat er niet hoort te zijn. We werden doorgestuurd naar een universitair ziekenhuis. Vele tranen vloeiden, want vanaf dat moment namen we afscheid van een zorgeloze zwangerschap.”

Een zeldzame aandoening

“Twee dagen later konden we terecht bij de professor. Wat leek de tijd tot deze afspraak lang te duren! We waren bang, verdrietig en voelden ons machteloos. We konden alleen maar hopen dat het allemaal zou meevallen.

Waarom is ons geen gezond kind gegund?

Tijdens de afspraak met de professor kregen we te horen dat er nog niet veel bekend was over wat jij had, of toch niet over een cyste op die plaats. Ze konden zelfs nog niet vertellen wat het precies was, daarvoor waren nog verdere onderzoeken nodig. Voorlopig waren er drie mogelijke diagnoses. Wat wel vaststond was: ik zou sowieso met een keizersnede moeten bevallen en jij zou snel na je geboorte reeds een operatie moeten ondergaan.

Wat er dan door je heen gaat is moeilijk te beschrijven. Ik voelde me zo machteloos en ook teleurgesteld in mijn eigen lichaam. Waarom overkomt dit ons? Ik ben zelf vroedvrouw en heb al zoveel geboortes meegemaakt van gezonde kinderen. Waarom is ons geen gezond kind gegund?”

Een teratoom

“Tussen de angst voor wat zou komen en het verdriet door, probeerden we sprankeltjes hoop te vinden, want dit kleintje verdiende een mama en papa die erin bleven geloven. Ik besefte steeds meer dat we hier zelf geen vat meer op hadden en dat we ons zouden moeten laten leiden door dokters die hopelijk weten wat het beste was voor ons, maar vooral voor jou.

Wekelijks gingen we langs bij onze eigen gynaecoloog en maandelijks bij de professor. Ze waren er steeds meer van overtuigd dat er een teratoom (een meestal goedaardig gezwel) zat in de hals van ons kleintje. Maar week na week kregen we te horen dat het gezwel bleef groeien. Een enkele keer bleef het stabiel en durfden we weer even ademhalen.”

Het ‘plan’ van de dokters

“We spraken met veel verschillende dokters die ons hun plan stap voor stap uitlegden. Hoe ze de geboorte wilden plannen met een keizersnede waarbij ons kleintje zo lang mogelijk verbonden bleef met mij via de navelstreng. Zo zouden de dokter de tijd hebben om een toegang te vinden om te kunnen beademen langs het gezwel heen.

Ze vertelden zoveel. Ik had moeite om mijn gedachten erbij te houden, want ik voelde mijn zoontje zo hevig bewegen in mijn buik. Dit was niet mijn plan, niet de toekomst die ik voor ogen had. ‘Blijf nog maar even in mijn buik, daar ben je voorlopig het veiligst!'”

Toen begonnen de weeën

“Ik was dertig weken zwanger wanneer ik voor mijn afspraak bij de gynaecoloog merkte dat ik steeds regelmatiger harde buiken kreeg. Dit voelde anders aan. De gynaecoloog stelde vast dat mijn baarmoederhals verkort was en op de monitor verscheen de ene wee na de andere. Ik werd direct doorgestuurd naar het universitaire ziekenhuis. Weer zoveel angst voor wat komen zou. Dertig weken is veel te vroeg om geboren te worden en al zeker voor jou.

Ik lag in een ziekenhuis, ver weg van huis, ver weg van familie en vrienden. De dagen leken eindeloos lang te duren.

Bij aankomst kreeg ik direct weeënremmers toegediend. Ik kon tussen het puffen door alleen maar hopen dat de weeën snel stil zouden vallen. Dat deden ze gelukkig ook. De volgende dagen ging het op en af. Soms werd het rustiger in mijn buik, soms kwamen de weeën weer meer op.

Ik lag in een ziekenhuis, ver weg van huis, ver weg van familie en vrienden. De dagen leken eindeloos lang te duren. Mijn man en trotse broer Rik kwamen wel elke dag op bezoek, het lichtpunt van iedere dag. Verder probeerde ik mij zo rustig mogelijk te houden zodat mijn zoontje nog even bij mij kon groeien en aansterken. Maar helaas groeide ook het gezwel maar door.”

Tijd voor de geboorte

“Twaalf dagen hebben we de zwangerschap kunnen verlengen. Toen besloten de dokters dat het beter was om de geboorte te laten gebeuren. Ik was ondertussen 32 weken zwanger en had een enorme buik met te veel vruchtwater. Het gezwel begint meer te drukken op je luchtpijp en slokdarm. Het is beter dat ze je nu geboren laten worden dan af te wachten.

Op de vooravond van de ingreep hielden we een gesprek met het hele team. Het moment dat ze een toegang moeten verkrijgen naar de longen zou zeer cruciaal zijn. Als dat zou lukken, zouden ze je enkele dagen later kunnen  opereren. Als het niet lukte, moesten ze je laten gaan. Dat kwam hard aan. Een waterval aan tranen volgde. Er leek geen einde aan te komen.

Na maanden in spanning te leven kwam eindelijk de verlossing.

Maar we moesten blijven geloven in een goede afloop, dat we morgen uit een bange droom zouden ontwaken en dat we jou in onze armen zouden kunnen sluiten. Wat was dat verdomd moeilijk! De afgelopen maanden hadden we echt alles uit handen moeten geven, zoveel verschillende mensen gezien en gehoord. Allemaal mensen die jou de beste start wilden geven.”

Een overvolle operatiezaal

“Die nacht sliep ik bitter weinig en heb ik heel veel gepiekerd. Ik koesterde de bewegingen die je maakte in mijn buik. De vroedvrouw kwam me al vroeg klaarmaken en zei dat het snel zo ver zou zijn. Je papa maakt nog snel een foto van mijn gigantische buik en we belden nog even met het thuisfront.

Ik had je liever nog even bij me willen houden, nog enkele weken je bewegingen voelen, je beschermen. Maar we moesten naar de operatiekamer. Ik kreeg telefoon dat mijn gynaecoloog er ook bijna was. Hij ging samen met de professor en het hele team de ingreep uitvoeren. Wat was ik opgelucht. Toch iemand bekend tussen al die vreemde gezichten.

Ik moest afscheid nemen van papa. Ik moest volledig in slaap tijdens de keizersnede om jou de beste kansen te geven. Tranen liepen nog steeds over mijn wangen wanneer ze mij de overvolle operatiekamer binnenreden. Zoveel materiaal en mensen. Ik moet niet lang wachten voordat ze me in slaap deden. Ik was zo bang en kon alleen maar hopen dat wanneer ik wakker werd, ik goed nieuws zou krijgen over jou.”

Lieve Floris

“Ik ontwaakte maar was nog behoorlijk groggy van de narcose. Je papa zat aan mijn zijde. Hij vertelde onmiddellijk dat het gelukt was. Ik wist niet wat ik hoorde. Wat waren we blij!

Maar hij vertelde al snel dat het niet ging zoals de dokters gehoopt hadden. Ze hadden een snede moeten maken in je hals om je te kunnen beademen. Via je luchtpijp ging het niet. Je gezwel bleek naar binnen toe gegroeid te zijn, waardoor ze niet via je luchtpijp tot bij je longetjes geraakten. Ze konden je wel beademen maar je toestand was niet stabiel.

Op slag waren we verliefd. Maar ook boos, boos op je stomme gezwel.

Ze moesten je zo snel mogelijk opereren. Je gezwel, of toch een deel ervan, zo snel mogelijk wegnemen. Je papa mocht nog even bij je voordat ze je naar de operatiekamer brachten. Hij maakte snel een foto. Op die foto zag ik jou voor het eerst.

‘Mijn lieve Floris, wat ben je mooi! Net zoveel donkere haartjes als je broer bij zijn geboorte. Hetzelfde neusje en mondje.’ Op slag waren we verliefd! Maar ook boos op je stomme gezwel. ‘Waarom moet jij dit hebben? Waarom moet jij dit doorstaan? Waarom mag jij niet gewoon gezond zijn?'”

Het slechtste nieuws

“We waren een uur verder wanneer een van de dokters naar ons toestapte. We zagen het aan haar gezicht en ze sprak uit wat geen enkele ouder wil horen: “Ik heb geen goed nieuws voor jullie. Floris heeft het niet gehaald.”

We voelden pijn, verdriet en ongeloof zoals we dat nog nooit ervaren hadden. We kregen te horen dat je toestand heel slecht was geworden nog voordat ze aan je operatie begonnen waren. Ze hadden je 45 minuten gereanimeerd. Maar de strijd was te groot.

Ik voel, zie en ruik je voor de eerste keer.

Je was te klein, te jong, te kwetsbaar, en je gezwel was te groot. Ik wou je zo snel mogelijk zien en kreeg je nog warme lijfje op mij gelegd. Ik voelde, zag en rook je voor het eerst. We hielden je vast, knuffelden je en gaven je kusjes. Lieve Floris, ons dappere ventje, wat hadden we je graag een heel leven lang onze liefde laten voelen.”

Tastbare herinneringen

“Die eerste dagen verliepen op automatische piloot. We voelden niets anders dan intens verdriet. De dichte familie kwam ook kennismaken met jou. We maakten foto’s, ook samen met je broertje Rik. De vroedvrouwen zorgden voor zoveel mogelijk tastbare herinneringen. Hand- en voetafdrukjes, in gips en op papier. We bewaarden een haarlokje voor later. Ze kleedden je aan met de kleertjes die wij zorgvuldig voor je uitgekozen hadden.

Wanneer ze vragen of ze nog iets kunnen betekenen kon ik maar een ding bedenken: of ze vzw Boven de Wolken wilden contacteren om foto’s te komen maken. En enkele uren later kregen we telefoon dat ze de volgende ochtend al kunnen langskomen. Je papa twijfelt nog even, maar omdat ik het zo graag wil stemde hij toe.”

Een belangrijke fotografe

“De volgende dag stond Wendy op onze kamer. In eerste instantie voelde het toch onwennig aan om een vreemd iemand toe te laten binnen onze cocon van intens verdriet. Wendy stelde zichzelf en de werking van vzw Boven de Wolken voor, maar feliciteerde ons ook meteen. Wat deed dat deugd. Want ook al is onze Floris overleden, hij is ook geboren én heeft ons voor de tweede keer mama en papa gemaakt.

Het nemen van de foto’s verliep heel spontaan, ze ging zo zacht en zorgzaam met je om. Diezelfde avond kregen we al enkele foto’s toegestuurd, waarna we meer dan overtuigd waren van onze keuze. Deze foto’s gaan we levenslang koesteren, want wat zijn ze mooi!

De foto’s en de herinneringen die we konden maken dankzij de doos van het Berrefonds zijn de allermooiste herinneringen die we hebben aan onze veel te korte tijd samen. Ze zijn het meest tastbare bewijs van Floris’ bestaan. Voor ons, maar ook voor buitenstaanders. De foto’s komen terug op verschillende plaatsen in ons huis, net zoals die van onze andere zoontjes.”

Nooit vergeten!

“Andere sterrenouders kan ik maar een raad geven: volg steeds je eigen gevoel. Doe wat voor jullie goed aanvoelt om te doen. Maak zoveel mogelijk herinneringen met en van jullie kindje. Knuffel en kus je baby zoals je dat anders ook zou doen. Doe gewoon wat voor jullie juist aanvoelt en laat niemand anders hierover beslissen. Blijf praten over je kindje, zo blijft hij of zij er voor altijd bij horen. Want het allerergste voor een sterrenouder is dat men niet meer over het kind praat en dat alles vergeten lijkt!

Wanneer ben je erover heen? Nooit. Het is zoals Manu Keirse schrijft in één van zijn boeken. Je leert ermee leven. Je leert het overleven. En dat is wat wij doen. Ons gezin zal nooit meer compleet aanvoelen, want Floris zal altijd gemist worden. Elke dag opnieuw. Een jaar na de geboorte van Floris werden wij opnieuw trotse ouders van een 3e zoontje, George. Hij brengt weer vreugde in ons leven. Maar ook hij zal later weten dat hij een broertje boven de wolken heeft dat over ons allen waakt.”

We hebben binnenkort ook een wekelijkse nieuwsbrief

Wil jij die graag elke week in je mailbox? Schrijf je dan hier in!

Reageer op artikel:
Birgit: ‘Je was te klein, te jong, te kwetsbaar, … je strijd te groot’
Sluiten