Zwangerschap 27 nov 2019 Paulien

Wat is het verschil tussen een prenatale screening en een prenatale diagnose?

Om zeker te zijn dat je kleintje gezond en wel is, moet je voor de geboorte een heleboel testen en onderzoeken laten doen. Weet jij niet meer wat wat is? Geen probleem, wij leggen je uit wat het verschil tussen een prenatale screening en een prenatale diagnose is en wat je kan verwachten.

Prenatale screening

Bij een prenatale screening wordt er gezocht naar aanwijzingen voor een chromosomale of lichamelijke afwijking. Het resultaat van deze testen geeft geen uitsluitsel, maar is een cijfer dat uitdrukt hoe groot de kans is dat je kindje een bepaalde afwijking heeft.

Dat gebeurt bij voorkeur met de niet-invasieve prenatale test (NIPT). Die vervangt de triple test en combinatietest, die minder gevoelig zijn en vaker vals positieve resultaten geven met overbodige vruchtwaterpuncties tot gevolg.

Bespreek vooraf met je arts wat je van de test mag verwachten en wat het gevolg is van een positieve NIPT. Op basis van deze informatie kan je beslissen om de NIPT al dan niet uit te voeren.

Is de NIPT positief, dan kan je na overleg met je arts nog een vlokkentest of een vruchtwaterpunctie laten uitvoeren om zeker te zijn.

Prenatale diagnose

Indien de prenatale screening een verhoogd risico op een bepaalde aandoening aangeeft, kan verder onderzoek (prenatale diagnostiek) zekerheid bieden.

Een diagnostische test doet men om zekerheid te krijgen over een bepaalde aandoening bij de foetus. Dit kan een vruchtwaterpunctie of een vlokkentest zijn. Deze testen houden altijd een risico in op een miskraam, omdat dit invasieve testen zijn. Dit betekent dat er via de buik of de vagina een naald wordt ingebracht, waarmee men door de vliezen prikt om tot bij het vruchtwater of de vlokken te geraken.

Soms is het risico op een miskraam als gevolg van de test groter dan de kans dat je kindje een afwijking heeft. Zo kan het bijvoorbeeld gebeuren dat je een verhoogd risico van 1 op 140 (0,7 op 100) hebt op een kindje met het syndroom van Down en dat je een vruchtwaterpunctie kan laten uitvoeren om zekerheid te krijgen, waarvan men zegt dat die een laag risico heeft van 0.5 tot 1 kans op 100.

Het kan dus erg verwarrend zijn, wanneer deze twee kansen zo dicht bij elkaar liggen en toch een hele andere betekenis krijgen (verhoogde kans versus laag risico). Daarom moet je proberen voor jezelf uit te maken wat deze kansen voor jou betekenen en zo de risico’s afwegen om al dan niet te kiezen voor een invasieve test.

Vruchtwaterpunctie 

Met behulp van echografie neemt de arts met een naald wat vruchtwater af via je buik. Maak je geen zorgen, de prik is niet pijnlijk. De test wordt uitgevoerd tussen de 14de en 16de week van je zwangerschap. Hij geeft zekerheid over chromosomale afwijkingen, maar heeft wel een kleine kans (minder dan een procent) op een miskraam.

Vlokkentest 

Met behulp van een echografie neemt de arts met een naald wat vlokkenweefsel af via de buik. De prik is niet pijnlijk.
Via je buik wordt de test uitgevoerd tussen de 11de en 13de week van de zwangerschap; via de vagina vanaf de negende week van de zwangerschap. De test geeft zekerheid, maar heeft een kleine kans (minder dan een procent) op een miskraam.

 

We hebben binnenkort ook een wekelijkse nieuwsbrief

Wil jij die graag elke week in je mailbox? Schrijf je dan hier in!

Reageer op artikel:
Wat is het verschil tussen een prenatale screening en een prenatale diagnose?
Sluiten