Getuigenis: “Ik had een postnatale depressie”

Sandra is een jonge mama van 28 jaar en lijkt met een prachtig dochtertje van 10 maanden oud alles voor mekaar te hebben. Toch ging ze de maanden na haar bevalling door een echte hel. Langzaamaan zakte ze weg. Ze had geen idee wat er met haar aan de hand was, tot uiteindelijk de diagnose werd gesteld: postnatale depressie. Een ziekenhuisopname heeft haar gered. Vandaag doet Sandra haar verhaal.

Lange dagen 

“Mijn dochter is geboren in juni 2019. Diezelfde zomer, tijdens mijn zwangerschapsverlof, tekende ik zelfs een vast contract op een andere afdeling van het bedrijf waar ik werkte. In september 2019 ben ik opnieuw aan het werk gegaan, en vanaf dan pendelde ik dagelijks een afstand van 300 kilometer. Ik vertrok om 6 uur ’s morgens en kwam om 7 uur ’s avonds terug. In het begin gaf ik nog steeds borstvoeding, maar de productie viel al snel stil.

Problemen steken de kop op

De proefperiode op mijn werk heb ik na een maand en vier dagen stopgezet om verschillende redenen. Ik was oververmoeid, voelde me angstig, verloor mijn eetlust en ik had problemen in mijn huwelijk. Bovendien waren we ook nog eens op huizenjacht, wat de nodige stress met zich meebracht. Begin oktober herkende ik mezelf niet meer. Mijn borsten waren verdwenen en ik was enorm veel afgevallen. Mijn zelfvertrouwen was volledig weg.

Op weg naar de hel 

Midden oktober kreeg ik slecht nieuws: mijn ontslag was niet wettelijk verlopen waardoor ik geen recht meer had op een werkloosheidsuitkering. Ik stond niet langer op de lijst van werkzoekenden. Ik dacht dat ik nooit meer werk zou vinden. In november begon ik dan ook last te krijgen van slapeloosheid. Ik sliep nauwelijks en voelde me tekortschieten als moeder.

“Ik voelde geen band met mijn dochter.”

Ik besloot naar mijn huisarts te gaan en vertelde hem dat ik misschien wel een depressie had. Ik legde uit dat ik geen band voelde met mijn dochter, en dat ik altijd het gevoel had dat ze meer naar haar vader trok. Ik vermeldde ook de slapeloosheid, de weggevallen eetlust en mijn werksituatie, maar volgens hem was er niets ernstig aan de hand. Hij heeft me toen iets gegeven waardoor ik beter zou kunnen slapen, maar dat hielp niet echt.

De leegte 

Een week na mijn doktersbezoek voelde ik niets meer. Geen woede, geen verdriet, geen liefde, geen vreugde,… Het was net alsof ik geen ziel meer had. Ik was leeg. Ik zag mezelf zo niet verder leven en nam een overdosis pillen, in de hoop dat het allemaal zou stoppen. De zelfmoordpoging mislukte en ik werd opgenomen in het ziekenhuis. Een week lang hebben ze alle medicijnen uit mijn lijf gepompt op de afdeling intensieve zorgen. Die ziekenhuisopname was geen aangename ervaring. Ik had het gevoel dat het verplegend personeel me als een crimineel bekeek. Ze hadden weinig medeleven, en waren totaal niet fijngevoelig. Ik voelde me enorm gedevalueerd, en mijn zelfmoordgedachten namen daardoor enkel maar toe. Ik kreeg een afspraak bij de psychiater, maar na het eerste gesprek wist ik al niet meer wat ik moest vertellen. Aan het einde van mijn ziekenhuisopname wilden ze me laten overplaatsen naar een forensisch psychiatrisch centrum, maar ik werd bang en liep letterlijk weg.

Slechte moeder 

In december zocht ik rust bij mijn moeder. Ik trok een tijdje bij haar in. Mijn partner bracht onze dochter regelmatig naar mij en wanneer hij kon, bleef hij zelf ook. Ik voelde me superslecht, omdat ik geen liefde voelde voor mijn dochter. Ik begreep er niets van, want ik wilde zo graag een kind. Op de dagen dat ze bij mij was, probeerde ik zoveel mogelijk te slapen zodat de dag sneller voorbij zou zijn. Met vrienden en familie had ik toen totaal geen contact. Ik kon ze toch niet vertellen dat ik mijn dochter wilde achterlaten? Ik was enorm bang om veroordeeld te worden.

Na de eindejaarsperiode ging ik terug naar huis, maar ik had nog steeds geen professionele hulp gezocht. In mijn hoofd kon niemand me helpen. Ik wilde enkel maar doodgaan. Ik wilde niets meer. Ik wilde niet meer de dingen doen waar ik vroeger van genoot… Ik zorgde voor mijn dochter, maar uit verplichting. Ik kon niet lachen voor haar, ik kon niet met haar praten. Vooral de nachten waren erg moeilijk. Ik kon niet slapen en voelde de behoefte om op te staan en rond te dwalen in mijn appartement. Mijn zelfmoordgedachten bereikten toen een hoogtepunt. Ik stelde me alle mogelijke scenario’s voor, maar had het lef niet om ze te realiseren, uit schrik om te falen en te eindigen als een plant.

Niet meer verbonden met de werkelijkheid 

Mijn dochter had vaak last van reflux, waardoor ze soms wel leek te stikken. Ook daarvan legde ik de schuld bij mezelf, waardoor ik begon te geloven dat ik mijn eigen kind mishandelde. Ik vreesde zelfs dat mijn partner daarop zou uitkomen en de politie zou bellen. Toen er per toeval een combi in de buurt stopte, raakte ik zodanig in paniek dat ik wegliep en mijn dochter alleen achter liet. Mijn partner betrapte me, en besloot toen dat het zo niet verder kon. Daarop belde hij mijn zus en mijn moeder, die zich van geen kwaad bewust waren.

Diezelfde dag is mijn moeder nog op bezoek gekomen. Samen hebben ze de hulpdiensten gebeld. Kort daarna kwamen de dokters en opnieuw kon ik niets uitbrengen. Sinds begin januari at ik nog nauwelijks iets en op mijn diepste punt woog ik maar 42 kg. Mijn concentratie- en gezichtsvermogen waren aangetast net zoals mijn geheugen. Ik had zoveel stress en angst opgebouwd, waardoor er een constante spanning zat op mijn kaak. Mijn menstruatie bleef uit. Ik had last van nachtzweten en beefde. Ik zat in een vicieuze cirkel en raakte er niet uit. Op dat moment had ik geen enkele voeling meer met de werkelijkheid.

Gedwongen opname 

Tijdens mijn gedwongen opname werd ik overgeplaatst naar een psychiatrisch ziekenhuis. Ik kreeg er medicatie tegen angst, maar ook antidepressiva en een week later neuroleptica. Pas dan hebben ze de diagnose gesteld: een ernstige postpartum melancholische depressie.

Om de twee, drie dagen kwam mijn partner me bezoeken. In het begin dacht ik dat hij dat enkel deed om op een goed figuur te slaan. Na drie weken voelde ik me beter: ik glimlachte af en toe en begon de humor van sommige zaken opnieuw in te zien. Ik kreeg regelmatig de toestemming om het psychiatrisch ziekenhuis te verlaten. Omdat het iedere keer goed verliep, werd ik ontslagen uit het ziekenhuis. Toen ik terug thuis was, heb ik snel de activiteiten hervat waar ik van hield: naaien en koken. Ik kwam weer tot leven en voelde me zoals de vrouw die ik voorheen was: actief, lachend en vrouwelijk.

Het belang van mijn getuigenis 

Met mijn getuigenis wil ik mensen graag vragen om waakzaam te zijn voor de symptomen van een postnatale depressie, zodat er op tijd een behandeling kan worden opgestart. Vandaag, twee maand later, ben ik trouwens nog steeds in behandeling. En natuurlijk heb ik last van bijwerkingen: ik ben aangekomen en ik heb nog steeds geen libido. Maar ik ben wel terug mezelf, en ik heb in zo’n korte tijd zoveel meegemaakt dat ik sindsdien nog meer van elk moment van mijn leven heb genoten. En vooral van mijn dochter, zij is mijn oogappel en ik kan me geen leven meer voorstellen zonder haar.”

Lees ook:
6 beroemde moeders die met een postnatale depressie worstelden
Tips voor vrouwen met een postnatale depressie
Wat jij kan doen om iemand met een postnatale depressie te steunen

We hebben ook een wekelijkse nieuwsbrief.

Wil jij die graag in je mailbox? Schrijf je dan hier in!

Reageer op artikel:
Getuigenis: “Ik had een postnatale depressie”
Sluiten