Baby 8 Nov 2021 Sofie Van Rossom

Afgestemd opvoeden: tut of geen tut?

Wie jonge kinderen heeft, heeft vast ook een voorraad fopspenen in huis. Als ouder ben je immers graag voorbereid: de tut valt, geraakt verloren of wordt stukgebeten, … En een huilende/krijsende baby of peuter is nu eenmaal gemakkelijk te troosten met een fopspeen. Maar past een tut ook binnen een afgestemde opvoeding? We vroegen het aan orthopedagoge en Minimi-experte Tine Seghers.

Een fopspeen als troostmiddel (of afleidingsmanoeuvre)

“Door een fopspeen te geven leid je je kind eigenlijk af van zijn gevoelens. Dit gebeurt trouwens ook als je de borst of iets te eten geeft op een moment dat je kindje geen honger heeft. Of als je begint te zingen of nog wat anders, in de hoop het kindje af te leiden zodat hij stopt met wenen. Binnen een afgestemde opvoeding noemen we dit ‘controlepatronen’.

Controlepatronen vinden we ook terug bij volwassenen. Misschien neem jij wel een grote zak chips in je hand als je je verdrietig voelt? Of heb je een sigaret of glaasje wijn nodig om tot rust te komen? Controlepatronen zijn dus dingen die we doen om ons af te leiden van ons gevoel.

Lees ook: Zindelijk worden in een afgestemde opvoeding

Mag je je kind dan nooit troosten met een tut? Tuurlijk wel, want om gevoelens te kunnen ontvangen moet je als ouder zelf in ‘ontvangmodus’ zijn. Als je aan de schoolpoort, in de winkel, in de bibliotheek of een andere (openbare) plek bent, is het niet altijd evident om heel rustig naast je kind te gaan zitten om zijn of haar sterke gevoelens te co-reguleren. En dan is zo een tut wel een handige uitvinding.

Lees ook: Hoe ga je best om met woede-uitbarstingen, huil- en driftbuien bij je kind?

Wees echter wel van bewust dat wanneer je gevoelens onderdrukt, die op een later moment weer tevoorschijn zullen komen. Een beetje zoals een bal die je onder water probeert te houden: als je die loslaat, springt die ineens heel hoog.

Hoe kan je je kind troosten zonder fopspeen?

Een baby mag je gerust knuffelen als hij weent, daarmee verwen je hem niet. Geef dus gerust je onverdeelde aandacht. Verwoord wat je ziet en doet, zeg bijvoorbeeld “ik ben hier, huil maar.”

Huilt je peuter? Laat dan weten dat je er bent voor hem. Benoem de gevoelens die je ziet: “Wat een groot verdriet” of “Ik zie dat je verdrietig bent”.

Lees ook:
Kinderangsten: “Mijn kind is zo vaak bang.”
Slaapcoach Nathalie van Snuggles and Dreams over tutjes en duimen
Stoppen met tutje? ‘Denk als je peuter/kleuter’

Het beste van Minimi.be in je mailbox?

Schrijf je hier in voor onze nieuwsbrief.

Reageer op artikel:
Afgestemd opvoeden: tut of geen tut?
Sluiten